Oranje
OOPS. Your Flash player is missing or outdated.Click here to update your player so you can see this content.
Home arrow Oranje arrow HONKBAL arrow A team arrow Op weg naar WK arrow Kern huidige Oranje-selectie was al eens wereldkampioen, in 2004
Kern huidige Oranje-selectie was al eens wereldkampioen, in 2004
Daags voor Oranjes eerste wedstrijd op het WK meldde Kenley Jansen zich als laatste in Domina, het spelershotel in Rotterdam. Hainley Statia, Sharlon Schoop en Yurendell de Caster waren een dag eerder gearriveerd en zo druppelden successievelijk de in Amerika honkballende en voor het Nederlands team geselecteerde Antillianen het toernooi binnen. De rest van de selectie verbleef intussen in Italië voor een paar oefenwedstrijden en keerde pas zaterdag aan het eind van de middag terug in Rotterdam. Gelegenheid om nog een balletje te gooien en met elkaar wat fundamentals door te nemen, was er niet. Zelfs voor het nalopen van de seinen was amper tijd. Des te indrukwekkender is de soepele manier van spelen van – vooral – de getalenteerde keystone van Oranje op dit WK. Schoop, Statia en De Caster, ze lijken elkaar blindelings te vinden. En Randall Simon, met zijn enorme routine en flair, sluit zich er moeiteloos bij aan.

Dat mag, gelet op de gebrekkige voorbereiding van het uiteindelijke team, vreemd of in elk geval bijzonder lijken, maar dat is het niet. Schoop, Statia, Curt Smith en ook Arshwin Asjes kennen elkaar al sinds de lagere school en spelen sindsdien ook beisbol samen. ‘Arshwin en ik woonden in de wijk Santa Maria en met hem speelde ik al toen ik vier of vijf jaar was’, vertelt Sharlon Schoop. ‘Statia ken ik sinds m’n zevende. Daarom is het ook zo leuk dat we nu met z’n allen bij het Nederlands team zitten. We hebben veel plezier samen, en met Randall en De Caster erbij en Diegomar Markwell, met wie ik ben opgegroeid, voelt het als familie.’     

Oranje speelt dezer dagen om de wereldtitel en staat er na de tweede ronde als poulewinnaar uitstekend voor. Sharlon Schoop is er, met zijn ploeggenoten, uiteraard op gebrand ’s werelds beste te worden. De tweede honkman is dat al een keer geweest, in 2002, en dat smaakte – zegt hij lachend – naar meer. In dat seizoen won Curaçao de Senior League World Series, een toernooi voor 15/16-jarigen en in dat team speelden behalve Schoop ook de huidige internationals Statia, Smith en Asjes. Schoop somt er nog een paar op: ‘Shairon Martis, Jair Jurrjens, Ludwin Obispo (die in Nederland bij ADO speelt, red.) en ook Eldrin Regina en Rubinet Koko (van Sparta/Feyenoord, red.). Best een aardig ploegje, ja. In de finale in Bangor Maine, in de buurt van Boston, wonnen we met 7-4 als ik het goed heb van South. Dat was wel lekker, want de twee jaar daarvoor waren we telkens in de halve finale van de Latijns-Amerikaanse zone uitgeschakeld door Nicaragua.’

Opmerkelijk ook: van de World Series-winnaar van 2002 tekenden dertien (!) spelers naderhand een profcontract.
Curaçao is een grootmacht in Little Leagueverband. De honkbalhoop van het eiland haalde acht keer achtereen de Little League World Series in Williamsport, Pennsylvania. Ook dit jaar (in augustus) kon de familie in Nederland via ESPN America de prestaties van de 12/13-jarigen volgen. Die reikten ver, maar niet ver genoeg om de World Series te winnen. De laatste keer dat dat gebeurde, was in 2004. In dat team was een hoofdrol weggelegd voor…. Jonathan Schoop, het toen 12-jarige broertje van Sharlon. ‘De wedstrijden waren op tv en met een stel vrienden hebben we gekeken. Ze dolden me een beetje. Hé, is dat je broer? Die speelt beter dan jij’, en meer van dat soort teksten, je kent het wel. Maar het was leuk, en Curaçao won. Dat maakte het nóg leuker.’

Jonathan is pas zeventien jaar en heeft inmiddels ook een profcontract getekend. Bij de Baltimore Orioles, zoals zo veel eilandtalenten. Niet zo lucratief als zijn leeftijds- en ploeggenoot Jurickson Profar, veelbelovend pitcher die eigenlijk een voorkeur heeft voor korte stop omdat hij dan iedere dag kan spelen. Texas Rangers, de huidige club van Andruw Jones (hèt voorbeeld voor de jeugd van Curaçao), had een tekenbonus van liefst 1,5 miljoen dollar over voor de sterspeler van de ‘Boys van 2004’. Overigens bereikte Curaçao mèt de jongste Schoop en Profar een jaar na de uitbundig gevierde winst in de World Series opnieuw de finale. Die ging helaas verloren.

De broertjes Schoop zien elkaar niet zo vaak meer nu beiden het eiland hebben verruild voor de Verenigde Staten. Sharlon is in zijn profcarrière inmiddels op Double A-niveau beland, Jonathan is nog rookie. ‘Voordat ik naar Nederland kwam voor het WK was ik nog twee dagen thuis bij mijn ouders’, vertelt Sharlon. ‘Daar was Jonathan ook. Dat was wel even leuk. Voorlopig zien we elkaar even niet. Als ik na het WK terugkom in Willemstad, is hij naar de Instructional League. Maar daarna zijn we weer een hele tijd samen.’